In gesprek met Tweede Kamervoorzitter Khadija Arib

vrijdag 30 september 2016, 14:15
MEPpress met Tweede Kamervoorzitter Arib

DEN HAAG (MEP-Press) – Vandaag hadden onze eigen Europarlementariërs de bijzondere kans om vragen te stellen aan de huidige Voorzitter van de Tweede Kamer, Khadija Arib. Na jaren in de fractie van de PvdA te hebben gezeten, waar ze overigens nog steeds lid van is, is zij sinds januari 2016 Voorzitter van de Tweede Kamer. Ze vertelde ons over haar politieke ambitie, de moeilijkheden van het voorzitterschap, maar vooral ook over het plezier dat zij daar uit.

Om maar te beginnen met het laatste: Arib deelde het volgende met de zaal muisstille parlementariërs:

“Het leukste vind ik voorzitten in de zaal, zoals het afgelopen debat over de algemene politieke beschouwingen, ik vind het geweldig hoe dat ging. Op een gegeven moment ging het wel hard en heftig, maar ik hou daar van.”

Toen Rutte in dat debat werd aangevallen, zo vertelde Arib, zei hij: “Het lijkt wel op het Lagerhuis”. “Dat is nou precies wat ik wil,” zei zij. De zaal reageerde daar lachend op.

Een voorzitter is volgens Arib verantwoordelijk voor de goede orde, maar heeft tevens een goede dosis humor nodig. Bovendien zijn de karaktereigenschappen van een voorzitter belangrijk. Die zijn namelijk bepalend voor de stijl van voorzitten, en dus van het debat.

Arib vindt het moeilijk te stellen wanneer een goede voorzitter moet ingrijpen; daar is immers geen duidelijk protocol voor. Het ingrijpen komt meestal spontaan. Arib vindt het geen probleem als het debat hard en heftig is.

Vervolgens werd door één van onze journalisten, Sarah Oey, de vraag gesteld waar Arib haar politieke ambitie vandaan haalt. Daarop antwoorde ze het volgende: “Het begon niet met een plan van: ik moet de politiek in. Ik ben in Marokko geboren; ik was 15 toen ik naar Nederland kwam. Ik ben wel altijd betrokken geweest bij de positie van vrouwen, de positie van kinderen, als het gaat om emancipatie en dat soort kwesties en dat was ook politiek.” Vervolgens legt ze uit dat ze vanuit dat engagement de politiek in is gerold.

Als ze naar haar mening wordt gevraagd over de Amerikaanse presidentsverkiezing, zegt ze de ontwikkelingen met interesse te volgen, maar ze kiest geen partij. Ze benadrukt wel dat ze het – “over het algemeen” – goed vindt dat er meer vrouwen aan de macht komen.

Tot slot vertelt Arib dat ze, als een van de langst zittende Kamerleden, zich heel lang heeft bezig gehouden met het verkondigen van haar mening over allerlei verschillende politieke onderwerpen. Als Voorzitter heeft ze een andere focus. “Ik merkte al heel lang dat ik meer wil doen voor de Kamer als geheel, de Kamer als instituut. Ik wil mijn ervaring niet alleen inzetten voor mijn eigen fractie, maar voor alle fracties.” Een bijzonder democratisch ideaal dus.